Een val van de trap lijkt op het eerste gezicht een alledaags ongeval. Toch kunnen de juridische gevolgen groot zijn, zeker als de val plaatsvindt op het werk, tijdens een verbouwing of in een re-integratietraject. Drie recente uitspraken laten goed zien dat bij een trapongeval de concrete omstandigheden doorslaggevend zijn. In alle drie de zaken stond een val van een trap centraal, maar de rechter kwam telkens tot een andere beoordeling. Daarover gaat dit artikel van Van Diepen Letselschade.
30.3.26

Trapongevallen en aansprakelijkheid

drie uitspraken, drie uitkomsten

Een val van de trap lijkt op het eerste gezicht eenalledaags ongeval. Toch kunnen de juridische gevolgen groot zijn, zeker als deval plaatsvindt op het werk, tijdens een verbouwing of in eenre-integratietraject. Drie recente uitspraken laten goed zien dat bij eentrapongeval de concrete omstandigheden doorslaggevend zijn. In alle drie dezaken stond een val van een trap centraal, maar de rechter kwam telkens tot eenandere beoordeling. Daarover gaat dit artikel van Van Diepen Letselschade.

Dat maakt deze uitspraken interessant voor slachtoffers,werkgevers, aannemers en belangenbehartigers. Want hoewel een trap in hetdagelijks leven heel gewoon is, kan een trap in juridische zin veranderen ineen risico-object zodra sprake is van vervuiling, instabiliteit, gebrek aanwaarschuwingen of juist bijzondere persoonlijke omstandigheden. Eén les blijftin elk geval overeind: doe voorzichtig op de trap.

Wanneer is een partij aansprakelijk na een trapongeval?

Bij letselschade na een trapongeval draait het vaak om devraag of iemand zijn zorgplicht heeft geschonden. Dat kan een werkgever zijn,maar ook een aannemer of een andere partij die verantwoordelijk is voor deveiligheid van de situatie. De rechter kijkt dan onder meer naar de toestandvan de trap, de omgeving, de kenbaarheid van het risico en de vraag ofeenvoudige veiligheidsmaatregelen mogelijk waren.

Niet iedere val van een trap leidt automatisch totaansprakelijkheid. Een trap is op zichzelf namelijk een normaal onderdeel vaneen woning of bedrijfspand. Pas wanneer sprake is van bijkomendeomstandigheden, komt de vraag op of een ander juridisch verantwoordelijk isvoor het ontstaan van het ongeval.

Zaak 1: onduidelijkheid over de staat van de trap komtniet zomaar voor rekening van de werknemer

In de eerste zaak ging het om een werknemer die in eenbedrijfspand van de trap viel. Volgens haar was de trap glad geworden door stofen gruis als gevolg van verbouwingswerkzaamheden. De werkgever bestreed dat,maar het gerechtshof Amsterdam oordeelde dat juist de werkgever duidelijkheidmoet geven over de toestand van de trap op het moment van het ongeval.

Dat oordeel is juridisch van belang. Een werknemer hoeft indit soort zaken niet tot in detail te bewijzen hoe het ongeval precies isgebeurd. Als vaststaat dat de schade is ontstaan tijdens de uitoefening van dewerkzaamheden, ligt het vervolgens op de weg van de werkgever om te stellen enzo nodig te bewijzen dat aan de zorgplicht is voldaan.

Het hof benadrukte wel dat het gebruik van een gewone vastetrap in beginsel een alledaags risico is. Dat verandert wanneer er bijkomendeomstandigheden zijn, zoals een verbouwing waardoor een trap glad kan zijngeworden. In deze zaak is dus nog niet definitief beslist dat de werkgeveraansprakelijk is, maar wel dat de werkgever met bewijs moet komen. Juist datlaat zien hoe belangrijk het is om de feitelijke situatie goed vast te leggenna een trapongeval.

Zaak 2: aannemer wel aansprakelijk voor losstaande traptijdens verbouwing

De tweede zaak leidde wel tot een duidelijkeaansprakelijkheidsoordeel. Een bewoonster viel tijdens een verbouwing van eenlosstaande trap die was neergezet om de vliering te bereiken. Volgens derechtbank Midden-Nederland was sprake van een gevaarzettende situatie waarvoorde aannemer verantwoordelijk was.

De feiten wogen hier zwaar. De trap stond op een vloer diemet stucloper was afgedekt, wat de ondergrond gladder maakte. Ook stond vastdat de trap volgens de gebruiksinstructies eigenlijk aan de bovenzijdebevestigd had moeten worden. Daarnaast was de vrouw niet gewaarschuwd voor derisico’s. De rechtbank vond bovendien van belang dat het ging om een hoge trapen dat eenvoudige veiligheidsmaatregelen mogelijk waren, zoals het vastzettenof weghalen van de trap.

Opvallend is dat de rechtbank geen eigen schuld aannam aande kant van de bewoonster. Zij mocht er volgens de rechter op vertrouwen dateen door professionals geplaatste trap veilig gebruikt kon worden. De aannemerwerd aansprakelijk gehouden voor zowel materiële als immateriële schade. Eenvoorschot op de schadevergoeding werd wel afgewezen, omdat dat bedragonvoldoende was onderbouwd.

Deze uitspraak laat goed zien dat aansprakelijkheid bij eentrapongeval sneller in beeld komt als een professionele partij een onveiligesituatie laat bestaan, terwijl eenvoudige veiligheidsmaatregelen voorhandenzijn.

Zaak 3: werkgever niet aansprakelijk tijdensre-integratie

De derde zaak laat de andere kant zien. Hier viel eenwerknemer tijdens zijn re-integratie van een trap, maar de rechtbank Limburgoordeelde dat de werkgever niet aansprakelijk was. De reden: de trap wasvolgens de rechtbank op zichzelf veilig ingericht en voor de werkgever wasonvoldoende kenbaar dat deze werknemer een bijzonder risico liep bij hetgebruik ervan.

De trap had antislipmateriaal, aan beide zijden een leuningen een bord met de instructie om die leuning te gebruiken. De werknemer steldedat hij last had van duizeligheid, wazig zien en concentratieproblemen, en datde werkgever hem daarom niet op een werkplek had mogen inzetten die alleen viaeen trap bereikbaar was. De rechtbank vond echter dat de werkgever uit debeschikbare informatie niet hoefde af te leiden dat traplopen voor dezewerknemer een specifiek gevaar opleverde.

Ook speelde mee dat de bedrijfsarts geen advies had gegevenom traplopen te vermijden en dat de werknemer zelf niet had gevraagd omwerkzaamheden op de begane grond. Onder die omstandigheden zag de rechter geenschending van de zorgplicht.

Wat leren deze drie uitspraken over letselschade na eentrapval?

De rode draad is duidelijk: een trapongeval is juridischnooit alleen maar een val van een trap. Alles hangt af van de context. Was detrap glad, instabiel of ondeugdelijk? Waren er waarschuwingen? Kon deverantwoordelijke partij eenvoudig maatregelen nemen? En was een bijzonderrisico kenbaar?

Voor slachtoffers is het daarom belangrijk om na een trapvalzoveel mogelijk bewijs vast te leggen. Denk aan foto’s van de trap, de vloer,de omgeving, eventuele stof- of vuilresten, verklaringen van omstanders enmedische informatie. Voor werkgevers en aannemers geldt precies het omgekeerde:zij doen er verstandig aan om risico’s vooraf te inventariseren,veiligheidsmaatregelen te nemen en goed te documenteren wat er is gedaan.

De drie uitspraken maken vooral duidelijk dat kleinefeitelijke verschillen grote juridische gevolgen kunnen hebben. De ene keermoet de werkgever nader bewijs leveren, de andere keer is een aannemeraansprakelijk en weer een andere keer blijft aansprakelijkheid uit. Maar losvan de juridische uitkomst is de praktische les eenvoudig en tijdloos: doevoorzichtig op de trap.

Veelgestelde vragen

Geen veelgestelde vragen gevonden
Van Diepen Letselschade

Wij staan voor je klaar

Onze inzet is om jou (juridisch) te ontzorgen. Jij hebt als slachtoffer of gedupeerde immers al genoeg aan je hoofd. Schroom niet en zoek contact met ons, om in de meeste gevallen gratis rechtshulp te ontvangen van ervaren en gespecialiseerde advocaten.